De Duivel in het riet: regisseur Sven Bresser over zijn intrigerende drama Rietland

Deel
De Duivel in het riet: regisseur Sven Bresser over zijn intrigerende drama Rietland

Het is niet iedereen gegeven om voor je eerste langspeelfilm meteen een uitnodiging voor Cannes te krijgen. De Nederlandse regisseur Sven Bresser kreeg het voor elkaar met Rietland. Maar dat is ook een opmerkelijke creatie.

 

Johan, een zestiger, leidt een rustig en routineus bestaan als rietsnijder aan de oever van het IJsselmeer. Daar komt echter een einde aan wanneer hij tussen het riet het lichaam vindt van een jonge vrouw die verkracht en vermoord is. Dat klinkt als het begin van een thriller, maar de Nederlandse regisseur Sven Bresser heeft heel andere ambities met zijn eerste langspeelfilm Rietland. Die leveren een uniek drama op dat veel dieper graaft dan je van een moordmysterie mag verwachten. En het verhaal staat ook nog eens met beide voeten in de zompige grond van Bressers eigen jeugd, vertelt hij.

Sven Bresser: Ik ben opgegroeid in een klein dorpje onder de rook van Amsterdam, in een huis dat vroeger een veeteeltboerderij was. Daar heb ik mijn hele jeugd gewoond. Dat dorp was omringd door weidse rietvelden en er werkten veel riettelers. Die rietcultuur is begin jaren 2000 daar echter zowat uitgestorven, en daarmee is ook het rietlandschap totaal veranderd. Mijn herinneringen aan dat landschap zijn nog heel sterk, maar op die plek bestaat het niet meer. Dat was een startpunt voor de film. Ik ben op zoek gegaan naar plekken waar je die specifieke rietvelden wel nog vindt. Zo ben ik in de Kop van Overijssel terechtgekomen [meer bepaald het Nationaal Park Weerribben-Wieden, red]. Daar ontdekte ik ook dat er nog gemeenschappen zijn die echt van het riet leven. Vanuit die ervaringen zijn dan dingen gaan groeien.

Je hebt vele maanden met die echte rietsnijders opgetrokken. Is Johan als personage representatief voor hoe die mensen zijn?

Ja en nee. Je vindt er zeker mensen die heel veel gelijkenissen tonen met Johan en zijn karakter, zijn uitstraling. Maar net zoals overal op de wereld zijn er ook hele andere personen. Gerrit Knobbe, die Johan speelt, belichaamt zelf verschillende persoonlijkheden. De eerste keer dat ik hem zag, was tijdens een vergadering. Toen was hij heel gesloten en heb ik hem geen woord horen zeggen. Hij luisterde alleen maar. De tweede keer was hij dan weer heel open en sociaal, bijna met een kinderlijke naïviteit die ik niet eerder had gezien bij andere riettelers. Ik zag in hem een contrast dat me aantrok en intrigeerde. Vanuit die twee ontmoetingen wist ik al bijna zeker dat ik iemand bijzonder had gevonden met wie ik wou werken.

In de film toon je Johan eerst tijdens zijn dagelijkse werkroutine. Daarna zien we hem in zijn eentje aan tafel zitten, en voordat hij begint te eten, zie je hem een tijdje bidden. Wat is de rol van zijn religieuze opvoeding? Ik vermoed dat hij protestants is.

Gereformeerd protestants, ja. Dat element zat eigenlijk nooit in eerdere versies van het script. Tijdens de voorbereiding van de film heb ik echter tijd doorgebracht bij Gerrit en zijn familie. En daar wordt voor elk maal gebeden. Na meerdere keren met hen te eten, wist ik dat het in de film moest. Thematisch denk ik dat we sowieso op een bepaalde manier een religieus verhaal vertellen, zonder dat het nadrukkelijk met religie als onderwerp omgaat. Maar uiteindelijk is dit wel een verhaal over Goed en Kwaad.

Ik koppelde het meteen aan de manier waarop de personages omgaan met seksualiteit. Ze lijken zich enkel op het gemak te voelen bij puur functionele seks, zoals de merrie die gedekt wordt. Voor de rest is seks problematisch: de verkrachting, de online porno waar Johan niet mee overweg kan, zijn angst voor zijn eigen lusten en driften.

Hoe Johan reageert op die webcam, ik weet niet of dat problematisch is. Je kunt het ook zien als een generatieverschil. Misschien weet hij niet wat er gebeurt vóór hem op dat scherm. Kijk, dat er problemen zijn met hoe mannen omgaan met seks en hun drift en hun lusten, hoe dat onderdrukt wordt, dat gebeurt zeker in religieuze gemeenschappen. Maar ik denk dat het op andere manieren op hele andere plekken ook gebeurt. Ik zie de film niet zozeer als een antropologisch of etnografisch onderzoek. Het gaat eerder over het potentiële kwaad in een gemeenschap en in een man.

Hoe belangrijk is de zoektocht naar de dader eigenlijk?

Voor mij is het echte mysterie van de film niet wie die moord heeft gepleegd. Het daadwerkelijke mysterie van de film is hoe die gewelddadige gebeurtenis Johans dagelijks leven besmet. Hoe het zijn omgeving besmet en hoe het zijn innerlijke wereld besmet. Maar ik denk niet dat cinema dat psychologisch moet verklaren. Je laat gunt de kijker beter de ruimte om ernaar te kijken en vragen te stellen. Veel films die met deze thematiek speelt, zijn op zoek naar een soort verlossing. Rietland weigert om dat te doen. Ik toon eerder een man die voor het leven getekend is door de confrontatie met het geweld dat hij heeft gezien.

Wat me ook opviel tijdens je film: ik wist niet dat schooltheater in Nederland zo avant-garde was.

(lacht) Ik ook niet. (lacht) Ik vind het heel interessant om met dingen te werken die ik in de realiteit vind. In de Kop van Overijssel wordt het verhaal van het verdronken dorp Beulake vaak opgevoerd als schooltoneel. Dan vind ik het interessant om er dingen uit mijn eigen fantasie aan toe te voegen. Film is voor mij voor een groot stuk die botsing tussen je verbeelding en wat je voor een camera vindt. Dat gebeurt ook in het toneelstuk in de film. Ik heb nog nooit zo’n goed en abstract schooltoneel gezien. Daar zit een hoop van mijn fantasie in. En toch voel ik dat het in de film hoort en past. Het heeft nog steeds de juiste mate van klunzigheid. Het is geen strak gechoreografeerd dansje dat we op podium zien. Het blijft heel menselijk.


Lees meer