RECENSIE: Autofiction

Deel
RECENSIE: Autofiction

Met Autofiction kiest Pedro Almodóvar voor een vertelling met een dubbele laag. In eerste instantie lijkt de film over Elsa (Bárbara Lennie) te gaan, een filmmaker omgeschoold tot reclamedirecteur die zich na de dood van haar moeder op haar werk stort. Na een tijdje blijkt dat Elsa een personage is in een scenario van een filmregisseur genaamd Raúl (Leonardo Sbaraglia), een man op leeftijd die zijn beste werk al achter zich heeft liggen. Almodóvar hint niet zonder zelfspot dat deze man heel wat van hemzelf wegheeft. Het scenario waar Raúl aan werkt heet ‘Amarga Navidad’ (Bittere Kerst), tevens de Spaanstalige titel van de film. 

Het zal geen verrassing zijn: Elsa en Raúl zijn personages die heel wat overeenkomen. Ze worstelen beide met hun identiteit als kunstenaar, wat leidt tot veel meta-bespiegelingen. Grappig is bijvoorbeeld de scène waarin Elsa aan een zuster in het ziekenhuis vertelt ooit een cultfilm gemaakt te hebben. Dat is een film die in haar bewoordingen niet populair is, maar geliefd bij een kleine groep mensen. Ook Raúl ontkomt niet aan dit soort commentaar. Hij krijgt voortdurend kritiek van de mensen om hem heen over het scenario dat hij schrijft, ofwel het verhaal van Elsa, waarvan we de desbetreffende scènes net daarvoor gezien hebben. Dit soort metafictie zal voor sommige kijkers vermoeiend zijn en je kan hen ook niet helemaal ongelijk geven. Almodóvar behandelde het thema ook al in zijn andere autofictionele film Dolor y gloria (2019). Een film die narratief gezien minder ingewikkeld is en tegelijkertijd ook dieper gaat dan Autofiction 

De beste scènes uit de film hebben dan ook weinig te maken met de metafictionele structuur. Zo is er een uitgebreide striptease, die wordt gegeven door Elsa’s toekomstige vriend die zowel brandweerman als stripper is. Deze minutenlange scène (die queer filmmaker Almodovar er waarschijnlijk gewoon in stak voor zijn eigen plezier) draagt weinig bij tot het plot, maar is daarom juist verfrissend. Hij biedt even ontsnapping aan de snelle kadans van het narratief. 

Ook goed zijn de dialoogscènes tussen de vele personages, die zoals altijd bij Almódovar melodramatisch en snel geacteerd zijn. Ontroerend zijn bijvoorbeeld de scènes tussen Elsa en haar vriendin Natalia (Milena Smit), een personage waar een donkere schaduw overheen hangt. Oppervlakkig bekeken heeft deze verhaallijn wat weg van een ‘telenovela’, maar Almódovar’s stijl is dusdanig verfijnd dat hij dit niveau overstijgt. Het is daardoor wel melodramatisch, maar zeker niet kitscherig en je raakt op een oprechte manier betrokken bij de personages. 

Toch weet Autofiction minder te beklijven dan voorgaande sterke films zoals The Room Next Door (2024), wat vooral te maken heeft met de nodeloze complexiteit van het scenario. De dubbele verhaallijn en alle metafictionele bespiegelingen maken het soms onduidelijk waar Almodóvar het nu precies over wil hebben. Ondanks dat Autofiction wel afzonderlijke sterke scènes bevat, weet het geheel daarom te weinig te overtuigen. 


Lees meer